Installering van de bijzondere leerstoel ‘Verstandelijke beperkingen, leren en gedrag’ aan de Radboud Universiteit Nijmegen


Katholieke Universiteit NijmegenTrajectum heeft het initiatief genomen tot het instellen van de bijzondere leerstoel ‘Verstandelijke beperkingen, leren en gedrag’ aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Deze leerstoel is per 1 juli 2009 geëffectueerd en ondergebracht bij het Behavioural Science Institute en de vakgroep Orthopedagogiek van de Radboud Universiteit en tevens ingebed in het Trajectum Kenniscentrum. De bijzondere leeropdracht is verleend aan dr. Robert Didden, die als hoofd van het Trajectum Kenniscentrum verbonden is aan Trajectum en als gz-psycholoog werkzaam bij Trajectum-Hanzeborg. In 2001 is hij gepromoveerd op een onderzoek naar slaapstoornissen bij mensen met een verstandelijke beperking. Het zwaartepunt binnen de leeropdracht zal liggen op de behandeling, begeleiding en diagnostiek van ernstige gedrags- en psychische stoornissen  bij (jong) volwassenen met een licht verstandelijke beperking en zwakbegaafdheid. Met de installering van deze leerstoel wil Trajectum een stimulans geven aan de verdere ontwikkeling en wetenschappelijke onderbouwing van methoden van behandeling en diagnostiek bij deze complexe doelgroep.
De doelgroep van Trajectum bestaat uit (jong) volwassen cliënten met een licht verstandelijke beperking en ernstige gedrags- en psychische stoornissen, ook wel aangeduid met SGLVG of sterk gedragsgestoord licht verstandelijk gehandicapt. In de meeste gevallen is er sprake van dubbele of zelfs drievoudige problematiek: een licht verstandelijke beperking tezamen met een of meerdere andere diagnosen. Daarnaast hebben relatief veel cliënten een justitiële achtergrond (o.a. TBS); zij hebben een of meerdere delicten gepleegd mede als gevolg waarvan zij worden opgenomen op Trajectum.
Nog steeds vallen veel cliënten uit onze doelgroep ‘tussen wal en schip’: GGZ-voorzieningen, justitiële inrichtingen en reguliere instellingen voor de zorg aan verstandelijk gehandicapten zijn veelal niet uitgerust voor diagnostiek en behandeling van deze cliënten. Er is nog weinig expertise beschikbaar met betrekking tot gespecialiseerde diagnostiek en behandeling van deze doorgaans complexe doelgroep. Met de installering van de bijzondere leerstoel wil Trajectum de kwaliteit van de behandeling aan deze mensen verbeteren. De behandeling vindt plaats binnen verschillende organisatorische eenheden van Trajectum, zoals klinische-, poliklinische- en deeltijdbehandeling.
Reeds lopend en nieuw op te zetten wetenschappelijk onderzoek zal zijn gericht op de risicofactoren en oorzaken van de complexe problematiek bij deze cliënten, het ontwikkelen van instrumenten en methoden om deze problematiek te meten en het evalueren van de effectiviteit van behandelmethoden. Meer specifiek hebben de huidige en toekomstige onderzoeksactiviteiten betrekking op onder andere de volgende thema’s:


effectiviteit van klinische behandeling (inclusief TBS-behandeling) op gedrags- en psychische stoornissen en recidive;

effectmeting van behandel- en zorgprogramma’s voor agressie, verslaving/problematisch middelengebruik, zedendelinquenten/seksualiteitsproblematiek en niet-aangeboren hersenletsel (NAH);

het ontwikkelen van een IAT of impliciete associatietest ten behoeve van het behandelprogramma voor verslaving;

neuropsychologische aspecten en cognitieve functies (o.a. impulsiviteit en impulscontrole);

onderscheidende kenmerken van cliënten met een persoonlijkheidsstoornis (cluster B) en ADHD.




    
Effectiviteit klinische behandeling (inclusief TBS)
Dit onderzoek wordt sinds enkele jaren uitgevoerd binnen de behandelafdelingen van de vijf landelijke Borginstellingen en heeft ten doel het vaststellen van de effectiviteit van klinische behandeling op gedrags- en psychische stoornissen en recidive bij (jong) volwassenen met een licht verstandelijke beperking en zwakbegaafdheid. Het betreft een promotiestudie die onder leiding staat van dr. Klaus Drieschner (senior onderzoeker Trajectum en plaatsvervangend hoofd Trajectum Kenniscentrum) en dat wordt gecoördineerd vanuit Trajectum. Binnen dit grootschalige onderzoek wordt niet alleen nagegaan wat de effecten van klinische behandeling zijn (in termen van reductie en voorkomen van gedragsstoornissen en recidive). Ook het verloop van de effecten en de predictoren van een succesvolle behandeling worden onderzocht. Ten behoeve van de dataverzameling hebben de onderzoekers de DROS (Dynamic Risc Outcome Scales) ontwikkeld waarmee dynamische risicovariabelen kunnen worden gemeten. Niet in de laatste plaats worden data verzameld binnen een zogenaamd ROM (Routine Outcome Monitoring) design, waarbinnen op gezette intervallen gegevens worden verzameld over een groot aantal cliënt- en interventiegerelateerde variabelen.
Dr. Klaus Drieschner heeft een onderzoeksvoorstel geschreven voor de toepassing van dit design binnen TBS-afdelingen voor gedetineerden met een licht verstandelijke beperking. Eveneens willen wij een effectevaluatie onderzoek gaan uitvoeren binnen de zorg en behandeling van cliënten met niet-aangeboren hersenletsel (NAH).

Effectmeting behandelprogramma’s agressie, verslaving (inclusief IAT) en seksueel ontremd gedrag
Wetenschappelijk onderzoek zal worden geïnitieerd naar de effectiviteit van behandelprogramma’s voor agressief gedrag, verslavingsgedrag en problematisch middelengebruik en seksueel ontremd gedrag. Het onderzoek naar behandeling van agressie loopt reeds en betreft een studie die is ingebed in het grootschalige onderzoek naar de effectiviteit van klinische behandeling.
Een onderzoek zal worden opgezet naar het behandelprogramma voor verslaving. Ten behoeve van de effectevaluatie van dit programma zal een nieuwe methode worden ontwikkeld waarmee de verslaving kan worden ‘gemeten’. Deze methode betreft de impliciete associatietest die de zucht naar genotmiddelen (alcohol, drugs) meet. Het betreft een promotiestudie die in de eerste helft van 2010 van start gaat. Binnen deze studie zal onder andere worden nagegaan of een voor onze doelgroep aangepaste IAT daadwerkelijk discrimineert tussen cliënten met en zonder verslaving (of zucht naar genotmiddelen/craving) en of impliciete associaties kunnen worden beïnvloed door middel van training.
Daarnaast is dr. Robert Didden als co-promotor betrokken bij een door ZONMW gefinancierd landelijk promotieonderzoek naar de prevalentie en risicofactoren van problematisch middelengebruik bij (jong) volwassenen met een licht verstandelijke beperking. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door drs. J. van der Nagel, als psychiater werkzaam bij Tactus verslavingsinstelling en als promovenda verbonden aan het NISPA (Nijmegen Institute for Scientist-Practitioners in Addiction; promotoren prof.dr. Cor de Jong en prof.dr. Jan Buitelaar). Binnen onder andere Trajectum-Hanzeborg wordt in de tweede helft van 2009 onderzoek gedaan naar de validiteit van het beoogde meetinstrument.

Neuropsychologische aspecten en cognitieve functies (inclusief impulscontrole)
Het wetenschappelijk onderzoek naar neuropsychologische aspecten en cognitieve functies (o.a. geheugen, aandacht, informatieverwerking, planning, impulsbeheersing) staat nog in de kinderschoenen. Ofschoon wordt aangenomen dat gedragsstoornissen bij onze cliënten zijn gerelateerd aan neuropsychologische problemen en functiestoornissen, is dit wetenschapsgebied nog vrijwel onontgonnen. Relevant in dit opzicht zijn problemen met impulscontrole, waarvan bij andere doelgroepen is gebleken dat zij een (dynamische) risicofactor voor gedragsstoornissen en recidive is. Wij zijn voornemens een promotieonderzoek uit te voeren naar impulsiviteit en verwante cognitieve functies bij cliënten uit onze doelgroep. Dit onderzoek zal onder andere zijn gericht op de relatie tussen gedrags- en psychische problemen en neuropsychologisch functioneren (waaronder impuls controle problemen), alsmede de ontwikkeling en validering van meetinstrumentarium. Tevens willen wij de mogelijkheden onderzoeken om de impulscontrole te verbeteren door middel van training.

Persoonlijkheidsstoornis en ADHD
Veel cliënten uit onze doelgroep hebben de diagnose Persoonlijkheidsstoornis (PS, voornamelijk Cluster B) en ADHD. Ofschoon er een controverse bestaat over de toepasbaarheid van de DSM classificatie PS bij mensen met een licht verstandelijke beperking, voldoen relatief veel cliënten aan de DSM criteria voor PS. Eerste resultaten van de effecten van klinische behandeling suggereren dat cliënten met PS onvoldoende profiteren van behandeling. Voorts is er een grote overlap in kenmerken tussen PS en ADHD.
In een promotiestudie onderzoeken wij welke kenmerken onderscheidend zijn voor PS. Hierbij richten wij ons onder andere op vroegkinderlijke factoren (mishandeling, verwaarlozing, traumatisering), neuropsychologische aspecten (impulscontrole, aandacht, geheugen) en sociale informatieverwerking. Meer inzicht in wat PS onderscheidt van andere diagnosen zou meer aanknopingspunten kunnen bieden voor diagnostiek en effectieve(re) behandeling.
Dr. Robert Didden is betrokken bij een onderzoek dat is geïnitieerd door de afdeling Psychiatrie binnen het UMC van de Radboud Universiteit (dr. J. Janzing, prof.dr. J. Buitelaar) naar onderscheidende kenmerken van (jong) volwassenen met licht verstandelijke beperking bij wie de diagnose ADHD is gesteld. Het tweede deel van het onderzoek behelst een interventiestudie naar het effect van stimulantia op het gedrags- en cognitief functioneren van deze cliënten.

Robert Didden
13 juli 2009

p/a Postbus 40012 | 8004 DA Zwolle | T 088 929 5000 | E-mail Stichting Trajectum